maandag 18 januari 2016

Het koninklijk rijtuig van Anna Paulowna

We moesten er vroeg voor uit de veren: een afspraak met mijn broer en schoonzus in het door hen bejubelde Spoorwegmuseum in Utrecht (KLIK HIER). Het moet meer dan 50 jaar geleden geweest zijn, dat ik er met mijn vader was. Een beetje saai vond ik het toen, dat was nu wel anders.

Om 8 uur zaten we in de auto onderweg van Zeeuws-Vlaanderen (waar geen treinen rijden, maar waar we wel via een toltunnel naar een station kunnen) naar Goes. Mooi op tijd om de trein van 08.58 uur naar Rotterdam te halen. Een voorspoedige reis volgde: geen vertragingen, lekker warme zitplaatsen, ruime overstaptijden. Het kan dus wel! In Rotterdam stapten we over in de trein naar Utrecht CS en daar weer over op een speciaal Museumlijntje: na een kwartiertje bereikten we het Station Maliebaan, de ingang van het museumterrein. Toen was het inmiddels 11.48 uur, de koffie met koek waar mijn schoonzus ons op trakteerde, was meer dan welkom.


Door onze ervaren gidsen werden van de ene naar de andere bezienswaardigheid gebracht. Natuurlijk verandert er veel in 50 jaar, maar het is zonder meer duidelijk dat dit museum met zijn tijd is meegegaan en dat jong en oud er graag komt. We zagen heel veel kleine kinderen (onder de 6), ze kunnen er alle kanten op, klauteren, rennen, kijken, naar het kindertheater of in de minitrein. De iets grotere kinderen konden met hun ouders in enkele "pretparkachtige attracties", waar ik niet over uit zal weiden: spectaculair en zelf beleven zou ik zeggen.

Twee van onze belevenissen zal ik wel nader beschrijven: de hernieuwde kennismaking met De Arend (onze allereerste stoomtrein uit 1839) en de speciale treinwagon van Koningin Anna Paulowna.

Stond De Arend vroeger gewoon langs een perron, met enkele houten wagons erachter waar je in mocht klimmen, nu moesten we er meer moeite voor doen. Met een koptelefoon op (waarop een bandje met een verteller die instructies gaf en op een vlotte manier over de geschiedenis vertelde) daalden we met een oude, krakende en wiebelende lift af door een mijnschacht naar een ondergronds dorpje. Sfeervol gemaakt, met werkplaatsen, pubs, huisjes, pleintjes en natuurlijk een stationnetje, waar De Arend langs het perron stond te wachten op passagiers. Heel fotogeniek ook! Het sluitstuk werd gevormd door een schilderijengalerij, met treintaferelen uit de eerste jaren van het stoomtreintijdperk.

Het museum heeft een grote oppervlakte tot haar beschikking, dat moet ook wel vanwege het formaat van de indrukwekkende stoomlocomotieven en ander rollend materieel. Maar ook aan expositieruimten met bezienswaardigheden van bescheidener formaat is gedacht. 
Op sommige plekken in het museum staan krijtborden met de tijden waarop daar iets bijzonders plaatsvindt. Aan het einde van de middag was dat voor ons het bijwonen van het verhaal over de luxe treinwagon van Koningin Anna Paulowna, de vrouw van Koning Willem II. We mochten allemaal (zo'n 12 personen) plaatsnemen in het Koninklijke Rijtuig op de met blauw fluweel beklede banken en in de fauteuils. Aan de hand van veel mooi uitvergrote foto's vertelde een vlotte museumgids ons het verhaal van Anna Paulowna en haar rijtuig. Zelfs de kinderen luisterden geboeid en uit de vragen die ze stelden bleek dat ze het goed konden volgen.

Nadat Kroonprins Willem II was afgewezen door zijn Engelse verloofde, trouwde hij in 1816 met Anna Paulowna, zuster van de Russische tsaar. Van 1840 tot 1849 waren zij het Koningspaar van Nederland. Het was geen gelukkig huwelijk en toen Willem II in 1849 overleed, liet hij grote schulden na. Gelukkig kon Anna een groot deel van de schulden afkopen door haar riante vermogen en de Russische toelage die zij jaarlijks ontving. Om overige schulden af te betalen wist Anna haar broer, tsaar Nicolaas I, zover te krijgen dat hij een groot aantal schilderijen uit het familiebezit van Oranje-Nassau aankocht. Dit is één van de oorzaken waardoor er op dit moment in de Hermitage te Sint-Petersburg een grote collectie Hollandse meesters hangt, waaronder een aantal Rembrandts.
Willem III volgde zijn vader op en Anna trok zich terug uit het openbare leven, mede door het verdriet om het overlijden van haar lievelingszoon Alexander. Zij woonde afwisselend op Soestdijk en op Buitenrust in Den Haag, waar zij over een Russische kapel beschikte.

De Nederlandse koninklijke familie beschikt sinds halverwege de 19e eeuw over eigen rijtuigen en heeft decennialang veel gebruikgemaakt van de trein. Al in 1839 reisden de eerste Oranjes per spoor. Sinds die tijd zijn verschillende rijtuigen voor hen gebouwd.
Uit 1864 dateerde het rijtuig Sr1, gebouwd voor Anna Paulowna. Dit rijtuig deed dienst tot 1903. Helaas heeft zij er zelf nooit gebruik van kunnen maken, ze overleed in 1865. Het oorspronkelijke rijtuig bleek in zeer slechte staat. Daarom is besloten tot de bouw van een replica. Dat is wagon uit 2010 die nu in het Spoorwegmuseum staat. (Voor wie interesse heeft in de koninklijke treinen KLIK HIER). Als laatste foto toonde de gids ons Koningin Beatrix die uit het rijtuig stapt in het Museum in 2010, toen er een tentoonstelling was over koninklijke rijtuigen. Ook nu zijn er nog een aantal Nederlandse exemplaren te bezichtigen.

Mijn nieuwsgierigheid naar Koningin Anna Paulowna was gewekt. Het toeval wil dat Paleis 't Loo bezig is met de voorbereiding van een tentoonstelling over haar n.a.v. het feit dat ze 200 jaar geleden met Koning Willem II trouwde. Deze tentoonstelling (KLIK HIER) zal in oktober 2016 geopend worden onder de titel: Een kleurrijke Romanov aan het Nederlandse hof. 

Het was 17.00 uur voor we er erg in hadden, tijd om afscheid te nemen en weer op huis aan te gaan met het laatste museumtreintje van die dag, via Utrecht CS (waar we iets aten), Rotterdam en Goes. Om 21.15 uur waren we weer thuis na een lange, maar welbestede dag!

Voor meer informatie over het Spoorwegmuseum KLIK HIER
De MJK is er geldig, bereikbaar met de trein, horeca aanwezig, geschikt voor groot en klein.

© JannieTr, januari 2016.

vrijdag 7 augustus 2015

Het vernieuwde Biesboschmuseum in Werkendam

Fluisterboot Wisper
Het was al weer jaren geleden dat wij het Biesboschmuseum bezochten. Vanaf het pontje bij de Kop van 't Land wandelden we destijds over de dijkjes, langs plassen met zilverreigers en door het polderland met indrukwekkende boerderijen naar een knus onderkomen aan de rand van de vloedbossen en een brede kreek. Genoeg informatie over de streekgeschiedenis en de mensen die er woonden en er hun brood verdienden onder zware omstandigheden. Op de toen gebruikelijke manier gepresenteerd. Niks mis mee. Een wandeling door de omringende heemtuin en daarna met een bootje naar een van de zandplaten vol uitgegroeide vloedbossen om er het onderkomen van de griendwerkers te bekijken. En onderweg volop genietend van de bijzondere natuur.

Maar al verandert dat niets aan de historie die er verteld wordt: om te overleven moeten musea tegenwoordig hun verhaal op een andere manier presenteren. Blijkbaar gold dat ook voor het Biesboschmuseum. In juni 2015 ging het nieuwe onderkomen open; met een totaal vernieuwde presentatie en uitgebreid met informatie over de laatste ontwikkelingen. Ook de Biesbosch zelf maakte nl. in de achterliggende jaren een ingrijpende verandering door. Tijd dus om er weer eens een kijkje te gaan nemen.

Restaurant Biesbosmuseum
Dit keer gingen we met de auto de pont op. Het was helaas geen wandelweer. De lucht was egaal grijs, het goot pijpenstelen en we vluchtten min of meer vanaf de parkeerplaats het museum in. In de garderobe stonden meerdere paraplu's uit te lekken. De ontvangstbalie bevond zich in een hele ruime en lichte hal met een museumwinkel en een groot restaurant met buitenterras. Op het eerste gezicht oogde het allemaal wel een beetje kil en zakelijk, maar in het museumgedeelte viel dat gelukkig mee.

In het tentoonstellingsgedeelte worden ruimte en intimiteit afgewisseld. In de eerste grote zaal wordt een meerschermen-animatie (op drie wanden) over de Sint-Elisabethsvloed(link) van 1421 en het ontstaan van de Biesbosch getoond en verteld. De vloed maakte tweeduizend slachtoffers en had grote gevolgen op de lange termijn: 23 dorpen verdwenen en Dordrecht verloor een sterke economische positie. De animatie is gebaseerd op het paneelschilderij (link) De Sint-Elisabethsvloed (Meester van de Heilige Elisabeth-Panelen, anoniem, ca. 1490 - ca. 1495 - Rijksmuseum) dat de nabestaanden lieten vervaardigen en waarop in stripachtige wijze de ramp wordt uitgebeeld. Door in te zoomen en de figuren te laten bewegen en praten wordt op een heel dynamische en aantrekkelijke manier de historie belicht. Voor mij werkt zoiets beter dan het eindeloos lezen van infopanelen.

Een dergelijke presentatie komen we ook tegen in de grote zaal over de laatste ontwikkelingen: Ruimte voor de rivier. Daar wordt de aandacht gericht op de bijna rampen met doorbrekende rivierdijken van de laatste decennia  en de oplossingen daar voor, met argumenten van voor- en tegenstanders. Onder andere de polders grenzend aan de Biesbosch zijn ingericht als overloop van een teveel aan rivierwater.
Een andere grote zaal bevat een compleet vissersscheepje met de bijbehorende attributen en informatie over de historie van de visvangst in de Biesbosch.

Kleinere zaaltjes zijn onopvallend met de grote verbonden, slingerend, met een bocht, niet te overzien zonder er binnen te gaan. Zoals die over de eendenkooiers: je loopt een vangpijp in en leest de informatie aan het begin en aan het einde van de pijp. Terug heb je weer een andere kijk op de rietschermen die de kooiker en het hondje gebruiken om de eenden te vangen.
Of die over de natuur, met opgezette dieren, waaronder de bever en de steur. De eerste is terug in de Biesbosch en doet het goed, op de tweede wordt nog gewacht.

Luisteren naar de griendwerker
Naast de films zijn er interviews op video, te beluisteren via koptelefoons: zoals die van de griendwerker die terugkijkt op zijn leven en werk in de grienden, een boeiend verteller, daar blijf je graag even een minuut of 10 naar staan luisteren.

Omdat we voor 12.30 uur een plaatsje gereserveerd hadden op de fluisterboot konden we niet alles uitgebreid genoeg bekijken. Tijdens de tocht ontdekten we dat wellicht eerst varen en dan het museum beter werkt: nu hoorden we veel van wat we al gezien en gehoord hadden van de gids opnieuw. Andersom is het herkenning en kun je wat je interessant vindt nog verdiepen.
Het was een leuk rondje door brede en smalle kreken. Het was droog, de zon probeerde ondertussen zelfs even door de wolken te piepen. Het was niet koud en hoewel het voor de beleving van de omgeving, met water- en vogelgeluiden een fijne toevoeging was geweest, wilden enkele passagiers dat de ramen van de boot (die normaal openstaan bij zulk weer) gesloten bleven voor de tocht. Grr. Helaas, volgende keer beter, zullen we maar denken.

Met o.a. 300 bevers, 3 broedende paren zeearenden, visarenden in voor- en najaar begint de Biesbosch steeds meer een natuurgebied van allure te worden. Volgens onze gids komen in de Biesbosch vrijwel alle vogelsoorten voor die in de rest van Nederland voorkomen. Ook de platenwereld mag er zijn. Daarom organiseert Staatsbosbeheer speciale tochten in het gebied, zie: Staatsbosbeheertochten (link) Op eigen gelegenheid wandelen, fietsen of varen is ook mogelijk, zie daarvoor: Nationaal Park de Biesbosch (link)

Biesboschmuseum 2015
Maar voor ons zat het er voor vandaag op. We komen zeker nog eens terug, als ook de directe omgeving van het museum op orde is. Om alles nog eens nader te bekijken en om tijdens een wandeling ook van de natuur te genieten.

Dit museum werden bezocht in het kader van: Elke Maand Een Museum (KLIK HIER).

Voor informatie over het Biesboschmuseum:KLIK HIER

© JannieTr, augustus 2015.

maandag 27 juli 2015

Twee boekverfilmingen: De Surprise en Ventoux

Het is al weer even geleden dat we in een week tijd twee keer de bioscoop bezochten om er een boekverfilming te bekijken.  De eerste keer was dat voor De Surprise naar een verhaal van Belcampo, de tweede keer voor Ventoux naar een boek van Bert Wagendorp


Om met de laatste film te beginnen: het boek van Bert Wagendorp is een bestseller gebleken, maar ik heb het niet gelezen. Het onderwerp sprak mij totaal niet aan en ik heb zo mijn reserves bij bestsellers. Maar naar de film was ik toch wel benieuwd, ook al kan ik dan niet beoordelen of het aanvaardbaar verfilmd is. Kort samengevat: mooie beelden, maar een dun verhaaltje en weinig overtuigende karakters. Een avondje pretentieloze ontspanning dat niet veel indruk maakte. Het oordeel over of het boek beter was, laat ik graag over aan wie het wel las. De film is voor mij echter geen aansporing dat alsnog te lezen.

De Surprise las ik wel (KLIK HIER) en eigenlijk had ik verwacht dat de film de nadruk zou leggen op hilarische omstandigheden, iets wat ik niet gewaardeerd zou hebben (en die ook niet in het boek voorkomen). Dat bleek gelukkig totaal niet het geval. Maar om bij het begin te beginnen: hoe lag de verhouding tekst en filmuitwerking? Dat is heel moeilijk onder woorden te brengen, maar ik zal een poging doen.

De regisseur (Mike van Diem) heeft een heel aparte en geslaagde draai gegeven aan het verhaal van Belcampo. De basis is hetzelfde: een uiterst welgestelde jongeman ziet het leven niet meer zitten en wil er een eind aan maken. Hij weet niet goed hoe en komt bij toeval in contact met een (illegale) begrafenisfirma die helpt bij zelfdoding. Daar zijn verschillende mogelijkheden voor, maar hij kiest voor de Surprise: hij zal niet weten hoe en wanneer hij aan zijn einde zal komen. In de toonzaal van doodskisten ontmoet hij een jonge vrouw met dezelfde wens, ze worden verliefd en willen van het contract af. Maar dat kan niet meer, ze hebben getekend en zouden, gezien het illegale karakter van de onderneming, een bedreiging zijn voor het voortbestaan van de firma.

Daarna verloopt het verhaal in de film anders dan bij Belcampo. Ook de uitkomst is anders. Veel kan ik er niet over zeggen om het plezier in de bioscoop niet te bederven. Ik was vooraf bang dat de pogingen van de firma toch de oorspronkelijke doodswens ten uitvoer te brengen, uitgewerkt zouden zijn in "hilarische" scenes (mede door de trailer die daar de nadruk op legt). Dat was niet zo: er zat wel de nodige humor in, maar ook genoeg diepgang. Er werd in de film een psychologische verklaring gegeven voor de doodswens van de hoofdpersoon ( die uitstekend gespeeld werd door Jeroen van Koningsbrugge). Ook was er een prachtige, gevoelige  rol voor de onvolprezen Jan Decleir, een rol die niet in het geschreven verhaal voorkomt. De buitenopnamen waren heel fraai, de mooie omgeving werd volledig uitgebuit.

Zoals hierboven al staat: humor en diepgang kunnen goed samengaan, mits er geen hilarische toestanden opgevoerd worden. De extra dimensie die er in de film aan toegevoegd werd, was die van euthanasie. Iets wat nog niet bespreekbaar was in de tijd dat Belcampo het verhaal schreef. Nu voorspelde het hoofd van het familiebedrijf een gouden toekomst aan zijn kinderen, als er eindelijk een rechtvaardige en legale manier zou komen om mensen met een doodswens te helpen.

En zo kan ik eigenlijk alleen maar concluderen dat dit is wat ik (persoonlijk) van een goede verfilming verwacht: Met een boek/verhaal als basis aan de slag en er dan een zelfstandig kunstwerk van maken. Soms betekent dat heel dicht bij de tekst blijven (Die Wand / Nachttrein naar Lissabon), soms vooral de sfeer proberen te vangen (Boven is het stil) en soms het verhaal een draai geven die meer bij deze tijd past. 

De Surprise - regie Mike van Diem. Officiële website: De Surprise

© JannieTr, juli 2015.

maandag 13 juli 2015

Film by the Sea - het jaarlijkse film- en literatuurfestival in Vlissingen

 FILM BY THE SEA 
 
In 2015 vindt in Vlissingen het 17de Film by the Sea Festival plaats van 11 t/m 20 september met weer veel bijzondere films, gasten, workshops, premières en optredens bij hét festival voor film en boek.

Film by the Sea is hét festival voor film en literatuur. Het belangrijkste programmaonderdeel van Film by the Sea is de Dioraphte Film en Literatuurcompetitie. Met dit officiële competitieprogramma onderscheidt Film by the Sea zich van andere filmfestivals in Nederland en Europa. Elke editie van het festival heeft een wisselende jury bestaande uit de grote namen uit de Nederlandstalige film- en boekenwereld. Deze jury kent de Dioraphte Film- en Literatuuraward toe aan de beste nieuwe boekverfilming, nationaal of internationaal.

Film by the Sea is meer dan alleen een film- en literatuurfestival: het heeft naast de vele premières ook aandacht voor de kwetsbare cinema. Het festival vertoont in totaal zo’n 130 films uit alle delen van de wereld die speciaal worden geïmporteerd voor een unieke vertoning tijdens het festival; er is een uitgebreid educatieprogramma, er zijn workshops en cursussen en in talkshows ontmoeten publiek en gasten elkaar.

De jury van Film by the Sea beoordeelt twaalf literatuurverfilmingen uit de Dioraphte Film- en Literatuurcompetitie die meedingen naar de Film by the Sea Award. In de jury nemen Nederlandse (of Vlaamse) acteurs, regisseurs en schrijvers plaats.
De jury van Film by the Sea 2015 bestaat uit Olga Zuiderhoek, Marina Blok, Joke van Leeuwen, Jan Vantoortelboom, Dimitri Verhulst, Michiel van Erp en Hanna Verboom en de juryvoorzitter Adriaan van Dis. (Meer info: KLIK HIER)

Een paar persoonlijke voorbeelden

Een boekverfilming is een vak apart. Wanneer is die geslaagd te noemen? Als de tekst van het boek heel nauwkeurig gevolgd is? Als de ziel van het verhaal filmisch vertaald werd? Als de sfeer of de inhoud op eigen wijze gestalte krijgt op het doek? Daarover wordt heel verschillend gedacht en natuurlijk is er ook nog zoiets als persoonlijke smaak, de interpretatie van de filmmaker en soms ook nog de nadrukkelijke bemoeienis van de schrijver.

Boven is het stil van Gerbrand Bakker is m.i. uitstekend verfilmd door Nanouk Leopold. Gerbrand Bakker had genoeg vertrouwen in haar om haar haar gang te laten gaan en met een fantastisch resultaat: een sfeervolle film waarin het verhaal opnieuw werd vormgegeven. Twee onafhankelijke kunstuitingen, die toch hetzelfde gevoel uitdrukten. G.B. was zeer tevreden en N.L. werd beloond met prestigieuze filmprijzen.

Over Still Alice kan ik geen oordeel geven: ik heb het boek van Lisa Genova niet gelezen. Dat geldt ook voor Die Wand van Marlen Haushofer. Wel werd duidelijk dat er veel tekst letterlijk werd voorgelezen in deze film. Ik voel dan ook wel de behoefte om het boek te lezen t.z.t. Dat geldt ook voor Nachttrein naar Lissabon van Paul Mercier, verfilmd als Nighttrain to Lisbon. Een indrukwekkende film, maar vooral de geciteerde teksten vroegen om een nadere bestudering. Het boek staat in de kast, maar vreemd genoeg wordt na het zien van de film het lezen uitgesteld bij mij.
Van Franca Treur las ik een Dorsvloer vol confetti wel, maar kwam ik niet meer aan de film toe. 
In het najaar hebben we nog Thomas Rosenbooms Publieke werken tegoed. Daar kijk ik erg naar uit na het lezen van het boek.

En vorige week zag ik dus De Surprise naar een verhaal van Belcampo (Boekbespr. KLIK HIER). Ik was aangenaam verrast (hoe kan het ook anders met zo'n titel) door het resultaat. Maar waarom, dat is een verhaal apart, in een volgende blogpost dus.
Ik begin de smaak van boekverfilmingen te pakken te krijgen. Vanavond is Ventoux aan de beurt, al zou ik het boek van Bert Wagendorp nooit kiezen om te lezen. Maar wie weet is dat na vanavond anders? We zullen het zien.

© JannieTr, juli 2015.

vrijdag 19 juni 2015

Still Alice - bioscoopfilm over Alzheimer

Het Ledeltheater in Oostburg is een uniek theater. Het is bijna 60 jaar geleden gebouwd en heeft de sfeer van de vijftiger jaren goed bewaard, ondanks de nodige aanpassingen aan de eisen van deze tijd. Het wordt gerund door vrijwilligers, maar dat wil beslist niet zeggen dat het er amateuristisch aan toe gaat. Bekende artiesten treden er graag op, door de gemoedelijke sfeer en het enthousiasme van de directeur John Bolsius. Stef Bos noemt het zijn lievelingstheater, waar hij graag nieuwe shows uitprobeert. Voor ons de primeur dus.
Naast meerdere theatervoorstellingen per week in het seizoen zijn er in dezelfde zaal op de overige dagen ook films te zien. Daar maken we graag gebruik van: minder druk dan in Terneuzen, gratis parkeerplaatsen voor de deur en soms een herkansing voor films die in de grote bioscopen net weer weg waren.
Dat gold ook voor Still Alice, een film naar het boek met dezelfde titel van Lisa Genova.

Waar gaat het over?

Alice Howland is een gerenommeerde professor in de linguïstiek met drie kinderen. Ze heeft haar leven op een rijtje en niets lijkt haar geluk in de weg te staan. Op een dag begint ze woorden te vergeten. Ze wordt gediagnosticeerd met Alzheimer. Ze beseft dat haar zorgvuldig opgebouwde leven drastisch zal veranderen. Langzaam maar zeker begint ze de regie over haar eigen wereld te verliezen, terwijl de onderlinge banden binnen de familie steeds meer onder druk komen te staan. Een hartverscheurend en inspirerend portret over een onafhankelijke vrouw die worstelt om verbonden te blijven met de persoon die ze ooit was.
De film werd goed ontvangen op het Toronto Filmfestival. Julianne Moore ontving meerdere prijzen voor haar acteerprestaties. Ook won ze een Oscar voor deze rol (folder Ledeltheater).

Ledeltheater in Oostburg
Kijkervaring

Dementie koppelen we vaak als vanzelfsprekend aan oude mensen: dat de ziekte van Alzheimer ook bij relatief jonge mensen toe kan slaan, daar denken we liever maar niet over na. Ook Alice zelf kan het eerst niet geloven en denkt aan hele andere redenen voor haar vergeetachtigheid. Haar omgeving sust het aanvankelijk: dat kan niet, het komt wel weer goed. Wanneer de diagnose definitief is, stort haar wereld in. Maar bij de pakken neerzitten is niets voor Alice en ze zet alles op alles om zolang mogelijk enige helderheid van geest te bewaren om zo contact te kunnen blijven houden met haar man en kinderen.
De film laat niet alleen het verloop van het ziekteproces zien, maar ook de gevolgen voor de omgeving van de patiënt. Die soms goede en soms slechte dagen heeft. Die plotseling boos of verdrietig kan zijn, of bang en verward. Niet iedereen kan daar even goed mee om gaan. En dan is er nog de kwestie van de erfelijkheid bij jonge gevallen van Alzheimer. 

Kortom: een aangrijpende film die op een niet sentimentele manier inzicht geeft in wat het betekent voor patiënt en omgeving als er op relatief jonge leeftijd Alzheimer wordt geconstateerd. Voor mij zat er maar één tegenvaller in de film: de hoofdpersoon is een typisch Amerikaanse carrièrevrouw: zeer zelfbewust, perfect gekleed en met geforceerde glimlachjes. Voor Amerikanen zal ze ongetwijfeld herkenbaar en vertrouwd zijn. Dat decorum werd tot het eind van de film hooggehouden. Verward, stil, maar vrijwel zonder enig uiterlijk decorumverlies, dat is niet natuurlijk. Dat neemt natuurlijk niet weg dat Julianne Moore haar rol met verve speelde. De echte uitblinker was voor mij echter haar jongste dochter Lydia, gespeeld door Kristen Stewart. Zij kreeg dan ook een prijs voor beste vrouwelijke bijrol. De scene waarin ze (als enige) aan haar moeder vraagt: "Hoe voelt dat, als je Alzheimer hebt?" is een van de meest ontroerende. De interactie tussen moeder en deze dochter (die in alles haar eigen weg wil gaan) zijn heel belangrijk voor het verloop van het verhaal en voor het begrijpen van de impact van de ziekte op alle gezinsleden.

De film draait nog in verschillende bioscopen en zal ongetwijfeld ook nog op DVD verschijnen. Een aanrader, ook als je (nog) niet met deze ziekte te maken hebt in je omgeving.


© Jannie Tr, juni 2015


dinsdag 16 juni 2015

Marlen Haushofer - Die Wand (op DVD)

Soms lenen we een DVD van een speelfilm bij onze (Zeeuws-Vlaamse) bibliotheek. Niet elke film haalt hier de bioscoop en bijzondere films worden voor de filmclub vaak maar 1 avond gedraaid. Bovendien kom ik er soms pas later achter dat een bepaalde film de moeite waard is en ook hele oude, belangrijke films zijn op die manier alsnog te bekijken.
Zo ook Die Wand. Pas toen de film op DVD verscheen nam ik er kennis van en was meteen gecharmeerd van het onderwerp. Zulke zaken noteer ik dan om ze vervolgens weer te vergeten tot ik ze toevallig tegenkom. En toen bleek deze DVD inmiddels te leen in de bibliotheek. De film is in 2012 gemaakt naar het boek Die Wand van Marlen Haushofer.

Marlen Haushofer (Frauenstein, 11 april 1920 – Wenen, 21 maart 1970) was een Oostenrijks schrijfster. Tijdens haar leven schreef ze diverse verhalen, novellen, romans en kinderboeken. Haushofers echte doorbraak kwam echter in 1963 met de roman Die Wand (De wand), waarvoor ze de Arthur Schnitzler-prijs kreeg toegekend. Dit boek gaat over een vrouw die door een doorzichtige wand radicaal wordt geïsoleerd van alle beschaving en zichzelf eenzaam en autonoom moet zien te redden. In Nederland was het werk van Marlen Haushofer niet erg bekend, maar inmiddels zijn er een aantal van haar boeken vertaald. Waaronder De wand, die ik na het zien van deze film zeker nog lezen wil.

De inhoud

Een vrouw staat op het punt een weekend door te brengen in de jachthut van haar nicht Luise, gelegen in een bergdal. Als Luise en haar echtgenoot na een avondje uit de volgende ochtend niet blijken te zijn thuisgekomen, gaat ze op onderzoek uit. Dan blijkt zich iets onverklaarbaars te hebben voorgedaan: het dal is door een glazen wand afgescheiden van de rest van de wereld. In gezelschap van een hond, een koe en een kat gaat ze hard aan het werk om te overleven. Ze inventariseert de bestaande voorraden, zoekt naar een plek voor een aardappelakker, struint het bos af op zoek naar eetbare planten, ze jaagt. En ze vervreemdt van zichzelf; om niet gek te worden en grip te houden op de tijd schrijft ze. Glashelder en minutieus laat Haushofer een vrouw verslag doen van haar dagelijkse strijd met de elementen en zichzelf. Zal haar isolement ooit worden doorbroken? (Achterkant DVD-hoes).


De kijkervaring

Een enorme uitdaging is het om een boek te verfilmen, waarin eigenlijk maar één persoon voorkomt en die dus niemand heeft om gesprekken mee te voeren. De scriptschrijver heeft dat opgelost door de gedachten van de vrouw en hetgeen ze opschrijft in haar dagboek door een voice-over uit te laten spreken. En eigenlijk versterkt dat nog meer de eenzaamheid waarin ze noodgedwongen moet leven.
De film is enerzijds heel spannend (komt er ooit een einde aan haar tragische lot, weet ze de problemen die zich voordoen het hoofd te bieden?) en beklemmend (hoe moet ze voorkomen dat ze gek wordt?). En tegelijkertijd is het een psychologisch en filosofisch meesterwerk. Het is duidelijk dat de teksten die de gedachten en hetgeen ze in haar dagboek schrijft weergeven, letterlijk uit het boek zijn overgenomen. Daarbij wordt in sfeervolle en betekenisgevende beelden getoond wat zich afspeelt. Soms ook wordt er gezwegen. De doodse stilte speelt ook een belangrijke rol in het verhaal.

Ik heb me geen moment verveeld bij het kijken naar dit intrigerende gebeuren. Je kunt de wanhoop en het gevecht tegen de dreigende waanzin goed aanvoelen. Veel van de teksten vragen om overdenking. Het tempo in de film lag laag genoeg om er bij betrokken te raken, maar over sommige uitspraken zou ik graag langer nadenken. Ook over de consequenties van de keuzes die ze maakt in de film. Hoe zou jezelf reageren, wat is reëel, wat wijsheid. Wat is de zin van het leven zonder andere mensen? Hoe belangrijk is ander leven om je heen, ook als het geen mens is? Wanneer houd je op met hopen en wat dan? Na afloop zat ik nog gedurende de gehele aftiteling wezenloos naar de voorbij komende namen te staren, diep onder de indruk. 

Het verlangen dit boek te lezen is groot. Het leesverslag zal t.z.t. verschijnen op mijn andere blog: Mijn Boekenkast

Hieronder de trailer van de film via Youtube: Trailer Die Wand 




© JannieTr, juni 2015.

zondag 31 mei 2015

Tuinkeramiek in Sint Jansteen van Vera Schleibach

Op Tweede Pinksterdag bezochten we de tuin van Vera Schleibach. Een kort krantenartikeltje, met een intrigerende foto bracht ons op het idee. Vera maakt keramiek, zowel voor buiten als binnen. Op de beide Pinksterdagen stelde ze haar tuin open om naar haar tuinkeramiek te komen kijken. Dat zal ze op 20 en 21 juni nog eens herhalen. Misschien gaan we dan wel weer, want we waren behoorlijk onder de indruk.

In een gewone straat in een buitenwijk van Sint Jansteen vonden we het adres: Oude Galgenstraat 31. "Via de garage" stond er op de deur. In de garage troffen al de eerste kunstwerkjes aan: o.a. veel vrouwenfiguren, zowel in Zeeuwse klederdracht als met kleurrijke Afrikaanse kledij, met als opvallend detail: een Zeeuws Knoopje als sluiting voor de sjaals.... Mooi vormgegeven en in een fraaie kleurstelling. Daar zat ook een heerlijk ondeugend ogend hondje: dat ging dus mee naar huis. Plus een halssieraad en een muisje.

En zo kwamen in de tuin terecht: niet overdreven groot, maar door de wijze van inrichten een klein paradijsje, met overal zitjes en vooral veel tuinkeramiek: vogels, bloemen, kikkers. Voor we rond konden kijken werden we naar een zitje gedirigeerd en kregen we koffie met een traktatie. Een goed idee: want rustig rondkijkend viel onze blik op steeds meer details. Na de koffie dwaalden we rond en kon ik al dat moois proberen te vangen in foto's. Dat viel nog niet mee, want het werd steeds drukker, de objecten waren gewild en omdat het de laatste dag was, mochten ze meteen mee naar huis.

Op de website van Vera Schleibach staat veel informatie over haar werk, haar opleiding en over de lessen die ze geeft. Daar vind je o.a. deze tekst:

"De inspiratie voor mijn keramische objecten haal ik uit mijn omgeving en de natuur. Ik werk met verschillende technieken en daardoor ook met verschillende soorten klei. Dat  wordt eerst biscuit gebakken. De werken worden dan verder gekleurd met slibs, pigmenten en/of glazuur en gebakken op 1150 graden, soms meerdere keren om het juiste effect te krijgen. Ik maak werk voor binnenshuis en voor buiten. Verder geef ik les bij de Kreatieve Vorming in Hulst."

Nieuwsgierig geworden?  Tijdens de Nationale Tuinweek is op 20 en 21 juni haar Keramiektuin weer te bezichtigen: zaterdag van 10.00 tot 15.30 uur en zondag van 10.00 tot 17.00 uur.

Van de foto's die ik er maakte heb ik een collage gemaakt. Nog veel meer foto's van haar bijzondere objecten zijn te zien op haar website (KLIK HIER).

© Jannie Tr, mei 2015.